Nieuws uit groep 5/6:

Wat leert uw kind zoal in groep 5?
 
Sociale omgang met elkaar
We gaan verder met de “Zo gaat het goed”-regels. Samen stellen we deze regels op en deze komen zichtbaar in de klas te hangen. Zowel de handtekeningen van de kinderen als van de juffen komen eronder. Verder werken we uit de methode voor sociale vaardigheden: “Sociale Talenten”. Daarnaast spelen we Taakspel.
 
Godsdienst
We gebruiken de methode “Kind op maandag”. Hieruit halen we onze verhalen, verwerkingen en eventueel bijbehorende liederen.
 
Rekenen
De methode die we gebruiken heet: “De wereld in getallen”. Deze methode is gebaseerd op inzichtelijk rekenen. De foefjes die wij vroeger leerden, zijn niet meer aan de orde.
De sommen worden op de tablet gemaakt en soms werken we nog in het schrift.
We zijn in groep 5 vnl. bezig met de verkenning van de getallenwereld t/m 10.000. Oefeningen hierbij kunnen zijn: verder- en terugtellen met eenheden, tientallen en honderdtallen. Overgangen over de duizendtallen krijgen extra aandacht. We herhalen alle tafels totdat de kinderen ze straks kunnen dromen. In groep 5 gaan we aan de gang met deelsommen en deelsommen met rest. We gaan op een eenvoudige manier aan de gang met wegen, meten, klokkijken, geld rekenen, oppervlakte en verhoudingen.
Er wordt in 3 groepen gewerkt en wel: de rode, de oranje en de groene groep. De “rode” kinderen zijn de kinderen die nog moeite hebben met de stof en krijgen extra begeleiding van de leerkracht aan de instructietafel. Dit kan individueel zijn maar ook met de hele groep waar ze in zitten. De “oranje” kinderen zijn de kinderen die de “gemiddelde” stof aankunnen en werken voor een deel zelfstandig. De rode en de oranje groep doen altijd mee aan de klassikale instructie die aan iedere taak vooraf gaat. De “groene” groep werkt voor het grootste deel zelfstandig. Zij volgen alleen de klassikale instructie die voor hen van belang is.
 
Taal
We werken dit jaar voor het eerst met de methode “Taal op maat”. We hebben 8 blokken waarin aandacht is voor woordenschat, spreken en luisteren, stellen, taalbeschouwing en lezen.
Een belangrijk uitgangspunt van deze methode is dat het aansluit bij de belevingswereld en leermogelijkheden van ieder kind. Er wordt daarom dan ook veel aandacht besteed aan differentiatie. (= verschillen in taalvaardigheid van kinderen).
 
Spelling
We werken met de  methode “Spelling op maat”. Deze methode bestaat uit 8 blokken van 4 weken met afwisselend instructielessen en zelfstandige werklessen met veel oefenstof voor zowel de zwakke als goede spellers.
In ieder blok zijn er 3 basisweken waarin wekelijks 1 keer een kort woorddictee wordt afgenomen. In de 4e week vindt het controledictee plaats en is er tijd voor herhaling cq. verdieping.
In groep 5 worden er de volgende spellingcategorieën aangeboden: “mollen, dertig, heerlijk, eend/web, spinnetje, grijze muizen, knabbelen”. Ieder categoriewoord heeft een bepaalde spellingregel, die de kinderen continu moeten oefenen, herhalen en toepassen.
 
Lezen
We besteden extra tijd aan het leesonderwijs met de methode “Lekker lezen”. In de klas werken we met 4 leesgroepen. Leesgroep 1, 2 en 3 krijgen om en om instructie van de leerkracht of onderwijsassistent en lezen in een boekje met een vaststaand thema met een bijbehorend werkboekje. Wanneer de juf met leesgroep 1 werkt, gaat leesgroep 2 zelfstandig aan de slag. De volgende dag wisselt dit. Leesgroep 4 werkt grotendeels zelfstandig met boeken uit “Lekker lezen” of uit hun eigen boek. Dit zijn de kinderen uit de hoogste AVI-niveaus. Kinderen die onvoldoende scoren bij een AVI-toets krijgen extra ondersteuning van de RT-er.
Andere leesvormen die we oefenen zijn o.a. duolezen, tutorlezen, mandjeslezen, zelfstandig lezen.
Tot slot is er nog het begrijpend lezen. Hiervoor gebruiken we wekelijks de “Nieuwsbegrip” teksten en bijbehorende opdrachten, die we aangereikt krijgen via de computer. Deze teksten zijn steeds heel actueel en sluiten helemaal aan bij de belevingswereld van het kind. Ook kunnen kinderen aan de slag met informatielezen. Het gaat hierom informatieve kleine boekjes over één bepaald onderwerp. Nadat het boekje gelezen is, moeten de kinderen een aantal vragen hierover beantwoorden.
 
Engels
Het werken met de methode “Groove me” wordt dit jaar vervolgd. Dit is een complete lesmethode waarbij populaire  popmuziek de basis is van alle lessen. De kinderen leren woorden Engels uit de liedjes en leren hoe je die woorden kunt gebruiken, uitspreken en schrijven. In groep 5 maken we hiervoor nog geen toetsen.
 
Natuur en techniek
De lesmethode Naut  gebruiken we voor natuur en techniek. Naut laat kinderen de wereld om hen heen zien, ervaren en onderzoeken. Alles is op hun beleving en de wereld van nu afgestemd. Aan het einde van het lesblok krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten ze thuis nog eens goed doorlezen. In groep 5 zullen de toetsen gemaakt worden als voorbereiding op groep 6.
 
Schrijven
We volgen de methode “Pennenstreken”. De kinderen hebben hier al in groep 3 en 4 mee gewerkt en in groep 5 gaan we hier gewoon mee verder.
 
Expressievakken
Ook voor tekenen, handvaardigheid, drama en muziek hebben we een methode en wel “Moet je doen!”. We kunnen werken in een doorgaande lijn en er zit een duidelijke opbouw in.
 
Gym
Twee keer per week gaan we naar de gymzaal. Er wordt afwisselend een spelles of toestellenles gegeven. Ook hier wordt gewerkt vanuit een methode.
Niet vergeten: gymkleding en gymtas.
 
Aardrijkskunde
De methode die we hiervoor inzetten is “Wijzer”. De kinderen werken in een leerwerkboek. In de methode is de topografie geïntegreerd, dit betekent dat we elke vierde les met topografie bezig zijn. We zullen vele topografische oefeningen doen. Hierbij maken wij gebruik van de Junior Bosatlas. Na elk blok van 4 lessen krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten zij thuis nog eens goed doorlezen. In groep 5 zullen we slechts enkele toetsen gezamenlijk maken als voorbereiding op groep 6.
Aan het eind van groep 5 zullen de kinderen de provincies met de hoofdsteden gaan leren. Hiervoor hebben we ook een topografietoets. De kinderen moeten voor deze toets wel leren.
 
Geschiedenis
Dit jaar werken we voor het eerst met de methode “Wijzer” voor het vak geschiedenis. Ook bij deze methode werken de kinderen in een leerwerkboek. Er zijn 5 blokken. De blokken bestaan uit vier lessen met bijbehorende vragen. Er komen 5 verschillende tijdvakken aan de orde dit schooljaar. Na ieder lesblok krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten zij thuis nog eens goed doorlezen. In groep 5 zullen de toetsen gemaakt worden als voorbereiding op groep 6.
 
Verkeer
We volgen de lessen m.b.v. het zeer actuele tijdschrift “Op voeten en fietsen”. Het grote voordeel is dat dit blad volkomen bij de tijd is en blijft.
 
Heeft u verder nog vragen? Kom gerust! (het liefst na schooltijd).
 
 
Met vriendelijke groeten,
Ingrid van Doorn en Miriam Vink


Wat leert uw kind zoal in groep 6?
 
Sociale omgang met elkaar
We gaan verder met de “Zo gaat het goed”-regels. Samen stellen we deze regels op en deze komen zichtbaar in de klas te hangen. Zowel de handtekeningen van de kinderen als van de juffen komen eronder. Verder werken we uit de methode voor sociale vaardigheden: “Sociale Talenten”.
 
Godsdienst
We gebruiken de methode “Kind op maandag”. Hieruit halen we onze verhalen, verwerkingen en eventueel bijbehorende liederen.
 
Rekenen
De methode die we gebruiken heet: “De wereld in getallen”. Deze methode is gebaseerd op inzichtelijk rekenen. De foefjes die wij vroeger leerden, zijn niet meer aan de orde.
De sommen worden gemaakt op de tablet en soms werken we nog in het schrift.
We zijn in groep 6 vnl. bezig met de verkenning van de getallenwereld t/m 100.000. Cijferend optellen en aftrekken tot en met 100.000. De tafelsommen worden groter, 4 x 50, 6 x 170. In groep 6 gaan we verder met de deelsommen en deelsommen met rest. Ook gaan we aan de slag met breuken. Verdere onderwerpen zijn wegen, meten, klokkijken, geld rekenen, oppervlakte en verhoudingen.
Er wordt in 3 groepen gewerkt en wel: de rode, de oranje en de groene groep. De “rode” kinderen zijn de kinderen die nog moeite hebben met de stof en krijgen extra begeleiding van de leerkracht aan de instructietafel. Dit kan individueel zijn maar ook met de hele groep waar ze in zitten. De “oranje” kinderen zijn de kinderen die de “gemiddelde” stof aankunnen en werken voor een deel zelfstandig. De rode en de oranje groep doen altijd mee aan de klassikale instructie die aan iedere taak vooraf gaat.
De “groene” groep werkt voor het grootste deel zelfstandig. Zij volgen alleen de klassikale instructie die voor hen van belang is.
 
Taal
We werken dit jaar voor het eerst met de methode “Taal op maat”. We hebben 8 blokken waarin aandacht is voor woordenschat, spreken en luisteren, stellen, taalbeschouwing en lezen.
Een belangrijk uitgangspunt van deze methode is dat het aansluit bij de belevingswereld en leermogelijkheden van ieder kind. Er wordt daarom dan ook veel aandacht besteed aan differentiatie. (= verschillen in taalvaardigheid van kinderen).
 
Spelling
We werken met de  methode “Spelling op maat”. Deze methode bestaat uit 8 blokken van 4 weken met afwisselend instructielessen en zelfstandige werklessen met veel oefenstof voor zowel de zwakke als goede spellers.
In ieder blok zijn er 3 basisweken waarin wekelijks 1 keer een kort woorddictee wordt afgenomen. In de 4e week vindt het controledictee plaats en is er tijd voor herhaling cq. verdieping.
In groep 6 worden er de volgende spellingcategorieën aangeboden: “dirigent,circus, auto’s, gladheid, majesteit, politie, etalage”. Ieder categoriewoord heeft een bepaalde spellingregel, die de kinderen continu moeten oefenen, herhalen en toepassen.
 
Lezen
We besteden extra tijd aan het leesonderwijs met de methode “Lekker lezen”. In de klas werken we met 4 leesgroepen. Leesgroep 1, 2 en 3 krijgen om en om instructie van de leerkracht of onderwijsassistent en lezen in een boekje met een vaststaand thema met een bijbehorend werkboekje. Wanneer de juf met leesgroep 1 werkt, gaat leesgroep 2 zelfstandig aan de slag. De volgende dag wisselt dit. Leesgroep 4 werkt grotendeels zelfstandig met boeken uit “Lekker lezen” of uit hun eigen boek. Dit zijn de kinderen uit de hoogste AVI-niveaus. Kinderen die onvoldoende scoren bij een AVI-toets krijgen extra ondersteuning van de RT-er.
Andere leesvormen die we oefenen zijn o.a. duolezen, tutorlezen, mandjeslezen, zelfstandig lezen.
Tot slot is er nog het begrijpend lezen. Hiervoor gebruiken we wekelijks de “Nieuwsbegrip” teksten en bijbehorende opdrachten, die we aangereikt krijgen via de computer. Deze teksten zijn steeds heel actueel en sluiten helemaal aan bij de belevingswereld van het kind. Ook kunnen kinderen aan de slag met informatielezen. Het gaat hierom informatieve kleine boekjes over één bepaald onderwerp. Nadat het boekje gelezen is, moeten de kinderen een aantal vragen hierover beantwoorden.
 
Engels
Het werken met de methode “Groove me” wordt dit jaar vervolgd. Dit is een complete lesmethode waarbij populaire  popmuziek de basis is van alle lessen. De kinderen leren woorden Engels uit de liedjes en leren hoe je die woorden kunt gebruiken, uitspreken en schrijven. In groep 6 maken we hiervoor nog geen toetsen.
 
Natuur en techniek
De lesmethode Naut  gebruiken we voor natuur en techniek. Groep 7 en 8 werken hier al enkele jaren mee. Naut laat kinderen de wereld om hen heen zien, ervaren en onderzoeken. Alles is op hun beleving en de wereld van nu afgestemd.
Aan het einde van het lesblok krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten ze thuis nog eens goed bestuderen. Alle blokken worden afgesloten met een toets die meetelt voor het rapport.
 
Schrijven
We volgen de methode “Pennenstreken”. De kinderen hebben hier al in groep 3,4 en 5 mee gewerkt en in groep 6 gaan we hier gewoon mee verder.
 
Expressievakken
Ook voor tekenen, handvaardigheid, drama en muziek hebben we een methode en wel “Moet je doen!”. We kunnen werken in een doorgaande lijn en er zit een duidelijke opbouw in.
 
Gym
Twee keer per week gaan we naar de gymzaal. Er wordt afwisselend een spelles of toestellenles gegeven. Ook hier wordt gewerkt vanuit een methode.
Niet vergeten: gymkleding en gymtas.
 
Aardrijkskunde
De methode die we hiervoor inzetten is “Wijzer”. De kinderen werken in een leerwerkboek. In de methode is de topografie geïntegreerd, dit betekent dat we elke vierde les met topografie bezig zijn. Niet alleen het leren van de plaatsnamen komt aan bod, maar we zullen ook vele topografische oefeningen doen. Hierbij maken wij gebruik van de Junior Bosatlas. Na een blok van 4 lessen krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten zij thuis leren en krijgen hierover een toets. Ook krijgen zij een ingevuld en blind kaartje mee naar huis om te leren voor de topografietoets. Beide toetsen tellen mee voor het rapport.
 
Geschiedenis
Dit jaar werken we voor het eerst met de methode “Wijzer” voor het vak geschiedenis. Ook bij deze methode werken de kinderen in een leerwerkboek. Er zijn 5 blokken. De blokken bestaan uit vier lessen met bijbehorende vragen. Er komen 5 verschillende tijdvakken aan de orde dit schooljaar. Na ieder lesblok krijgen de kinderen een samenvatting mee naar huis. Deze moeten zij thuis nog eens goed bestuderen als voorbereiding op de toets. De toetsen tellen mee voor het rapport.
 
Verkeer
We volgen de lessen m.b.v. het zeer actuele tijdschrift “Op voeten en fietsen”. Het grote voordeel is dat dit blad volkomen bij de tijd is en blijft. Wanneer de verkeerskrant uit is, krijgen de kinderen het mee naar huis om te leren voor de toets, en we geven ook weer een rapportcijfer.
 
 
Heeft u verder nog vragen? Kom gerust! (het liefst na schooltijd).
 
 
 
Met vriendelijke groeten,
Cindy Kool, Ingrid van Doorn en Miriam Vink